
Evangeliseren is niet nieuw. Het Evangelie is niet nieuw. Sterker nog: het is eeuwenoud... euhm... nieuws. Al meer dan twee millennia. Evangelie betekent 'goed nieuws' en daarin is het tot op de dag van vandaag eigentijds, fris, vers en relevant. Elke dag spuugt deze gevallen en daardoor gebroken wereld namelijk het stof van veroordeling over ons uit.
Soms denk ik wel eens dat die boom van kennis van goed en kwaad, waarvan de mens niet mocht eten, omdat ze dan onherroepelijk zouden sterven (Gen. 2:16-17), tegenwoordig op het Internet en social media terug te vinden is. Als je op het Internet zoekt naar wat er qua gezondheid mis met je is, ben je al zo 'goed' als afgeschreven. Een veelvoorkomend woord in de Griekse grondtekst van de Bijbel voor 'veroordelen' is katakrino, wat specifiek betekent: door iemands goede voorbeeld de slechtheid van iemand anders des te duidelijker en afkeurenswaardiger te maken. En laat daar (not so) social media nou net helemaal vol mee staan...
Daarom hebben we het evangelie van genade (Hand. 20:24) elke dag nodig. We hebben het elke dag nodig dat Jezus ons, door Zijn evangelie, de voeten wast van het stof van veroordeling door het wandelen in deze wereld. Niet omdat we onze redding kunnen verliezen. Jezus zegt dat wie gebaad heeft al helemaal rein is. (Joh. 13:10) Wie tot geloof gekomen en gedoopt is al helemaal rein. (Hand. 2:38, Hebr. 10:22). Voor eens en altijd. (Hebr. 10:10) Maar elke dag hebben we het nodig om de genade en de vrijspraak in zo'n overvloed te ontvangen om alle eisen, voorwaarden, kennis van goed en kwaad ('Gij zult' en 'Gij zult niet'), do's en dont's, wetjes en regeltjes etc. uit ons (geloofs)leven te spoelen, zodat we kunnen leven en heersen als koningen in het leven. (Rom. 5:17) In plaats van dat het leven óns overheerst...
Dat is wat geloof krachtig maakt: dagelijks jezelf bewust maken van Zijn liefde. (Gal. 5:6) Dagelijks jezelf ervan bewust maken dat je Zijn genade nodig hebt, zowel Zijn mercy als Zijn grace. Zowel niet krijgen wat je wel verdient (vrijspraak), als wel krijgen wat je niet verdient (zegen). "Yes, we can!" brullen, getuigt niet perse van een krachtig geloof... Dat zei het volk Israël ook (Ex. 19:8) en in reactie daarop ontvingen ze van God de wet. (Ex. 20) Dat oude verbond dat ze niet trouw konden blijven. (Hebr. 8:9) Jezus zegt dat we zonder Hem niets kunnen. (Joh. 15:5) En tegelijkertijd schrijft Paulus (geïnspireerd door de Geest) dat hij alles (aan)kan door Jezus die hem kracht geeft. (Fil. 4:13) Dat is wat ik het mysterie van genade noem: wanneer deze twee waarheden (zonder Hem kan ik niets én met Hem kan ik alles) allebei tegelijkertijd als openbaring in je hart landen, dán wordt je geloof sterk, krachtig en blijvend!